Gelijksoortigheidsprincipe



Betekenis
Het gelijksoortigheidsprincipe vormt de basis van de homeopathie en werd voor het eerst door Hahnemann in 1796 geformuleerd als volgt: "Kies om mild, snel en duurzaam te genezen in ieder ziektegeval een geneesmiddel dat, om te kunnen genezen, zelf een gelijksoortig lijden (= homoion pathos) kan veroorzaken."
Het principe dat het gelijksoortige moet behandeld worden met het gelijksoortige vindt zijn uitdrukking in "SIMILIA SIMILIBUS CURENTUR" en wordt best geÔllustreerd aan de hand van de historische geneesmiddelenproef die Hahnemann op zichzelf toepaste.
 
Geschiedenis

In 1790, toen Hahnemann A Treatise on Materia Medica van dr. William Cullen vertaalde, kwam hij een passage tegen over de werking van kinabast, die niet alleen zijn leven zou veranderen, maar dat van mensen over de hele wereld. In zijn boek beweerde Cullen dat kinine, een stof uit de bast van de kinaboom, een goed middel tegen malaria was vanwege de adstringerende eigenschappen. Dit vond Hahnemann onzin omdat hij, als scheikundige, wist dat er andere, veel krachtiger adstringerende middelen waren die totaal geen effect hadden op malaria. Hij besloot dit verder te onderzoeken. Verscheidene dagen nam hij zelf kinine in en legde zijn reacties nauwkeurig vast. Tot zijn verbazing begon hij het ene symptoom na het andere van malaria te ontwikkelen, hoewel hij die ziekte niet echt had. Telkens wanneer hij een dosis kinine nam, kwamen de symptomen verscheidene uren lang terug. Als hij geen kinine nam, had hij geen symptomen. Was dit de reden vroeg hij zich af, waarom malaria door kinine wordt genezen? Om zijn theorie te testen, probeerde hij de dosis kinine (hij noemde dit geneesmiddelproeven) uit op gezonde mensen die hij kende, waarbij hij de reacties weer nauwkeurig optekende. Daarna herhaalde hij het proces met andere stoffen die als geneesmiddel werden gebruikt, zoals arsenicum en belladonna.
Dus:

 

Voorbeeld:
Geeft men MERCURIUS SOLUBILIS (kwikzilver) aan gezonde mensen dan vertonen deze personen een acuut vergiftigingsbeeld met o.a. de volgende letsels t.h.v. de mond:
1. Sterke speekselvloed
2. Vieze, stinkende geur uit de mond
3. Tandvlees opgezet en zwerend
4. Verdikte tong met de afdrukken van de tanden erin
5. Ontstoken amandelen met verzwering ervan en met vorming van pseudomembranen.

Deze symptomen (samen met de andere symptomen die optreden bij een vergiftiging met kwikzilver) vormen het geneesmiddelenbeeld van MERCURIUS SOLUBILIS (en vindt men terug in de Materia Medica) d.w.z. indien een zieke persoon een homeopaat consulteert met dezelfde klachten als hierboven vermeld (bv. iemand met difterie), dan herkent de homeopaat deze symptomen als zijnde de symptomen die men bij een gezonde persoon kan uitlokken door vergiftiging met kwikzilver. In dat geval zal de homeopaat deze zieke persoon een homeopatische dosis MERCURIUS SOLUBILIS geven, waardoor bovengenoemde symptomen zullen verdwijnen.
M.a.w. Een stof die in een gezond persoon klachten kan veroorzaken, kan een ziek persoon met dezelfde klachten genezen
(Similia Similibus Curentur!)

 
   
  Webdesign Proximedia
Apotheek Denys I. Zandheide 2 B2243 PULLE Tel.: 03/484.33.69 Fax: 03/464.00.45 info@apotheekdenys.be Home Links Contact